Ergens in je hersenen loopt een bundel witte stof van de hippocampus, het gebied dat herinneringen aan plekken en mensen opslaat, naar het ventrale striatum: het beloningscentrum. Dierstudies laten al jaren hetzelfde zien. Zet een rat terug in de ruimte waar hij ooit cocaïne of alcohol kreeg, en die baan springt aan. Dat is de bedrading die van een café, een groep vrienden of een vrijdagavondroutine een trigger maakt om te gaan drinken. Een nieuwe studie bekeek diezelfde baan bij mensen en vond een verband met hoe vaak iemand bingedrinkt. Bij mannen wijst dat verband één kant op. Bij vrouwen precies de andere.

Wat ze deden

Aan het onderzoek deden 593 volwassenen mee, tussen de 22 en 35 jaar. Ze kregen allemaal diffusie-MRI-tractografie: een scan die de fysieke bedrading van witte-stofbanen tussen hersengebieden in kaart brengt, niet alleen hun grootte of vorm. De onderzoekers maten de sterkte van de verbinding tussen hippocampus en ventraal striatum (nucleus accumbens) apart in de linker- en rechterhersenhelft. Daarna legden ze die naast zelfgerapporteerd bingedrinken over het afgelopen jaar. Zelfrapportage zit vol herinneringsfouten, dat weet iedereen in dit vakgebied, en toch is het de standaardmaat.

Wat ze vonden

  • Linkerhersenhelft. Sterkere connectiviteit tussen hippocampus en ventraal striatum hing samen met vaker bingedrinken (b = 0,17, p = 0,027). Bij mannen en vrouwen even hard.
  • Rechterhersenhelft. Daar splitste dezelfde maat zich naar geslacht: sterkere connectiviteit voorspelde vaker bingedrinken bij vrouwen, maar juist minder vaak bingedrinken bij mannen (b = 0,17, p = 0,031 voor de interactie).

Zelfde effectgrootte aan beide kanten, vrijwel dezelfde p-waarde. Alleen klapt de rechterkant om, afhankelijk van wie je bent. Dat is het stuk dat me opviel. Niet 'meer bedrading, meer drinken', maar 'meer bedrading, meer drinken - tenzij je een man bent, dan juist minder'.

Wat het betekent

Vertaald: hoe sterker de lijn tussen hippocampus en beloningscircuit, hoe krachtiger context kan werken als trigger voor de drang om te drinken. Een specifiek café, een specifiek gezelschap, een specifieke avond van de week. Dat past bij wat dierstudies voorspellen. Wat niemand nog weet: waarom diezelfde bedrading mannen en vrouwen aan de rechterkant van het brein de tegenovergestelde kant op duwt. Hormonen, sociale normen rond drinken, verschillen in hoe het circuit zich per geslacht ontwikkelt - het kan allemaal. De onderzoekers doen ook niet alsof ze het antwoord al hebben.

Ik lees dit als een vroege, correlationele bevinding. Geen diagnose. De studie is cross-sectioneel, dus je kunt er niet uit afleiden of de bedrading het drinkgedrag vormt of dat jaren bingedrinken de bedrading omvormen. Eerlijk gezegd waarschijnlijk allebei een beetje. En de geslachtsspecifieke uitkomst moet eerst standhouden in een onafhankelijke steekproef voordat ik er conclusies aan verbind. Het geldt bovendien voor volwassenen van 22 tot 35 jaar. Of hetzelfde patroon opgaat bij tieners of oudere drinkers, is een aparte vraag.

Het mechanisme eronder blijft wel staan: context trekt je stilletjes sneller richting drinken dan je van plan was. Precies het moment waarvoor AlcoBalance gebouwd is. Hoe je hippocampus bedraad is, kies je niet. Wel of je opmerkt dat je tempo halverwege de avond oploopt - en of je gas terugneemt voordat het beloningscircuit het laatste woord krijgt.

Bron: Hippocampus, DOI